Amahle, het wrattenzwijn, was op zekere dag op zoek naar voedsel, toen hij op een grote termietenheuvel stuitte. Aardvarken had de nacht ervoor een enorm gat gemaakt in de heuvel. Het gat was groot genoeg voor Amahle om naar binnen te gaan en dus schoof hij op zijn buik naar binnen. En hij  dacht bij zichzelf dat dit een heerlijk huis zou zijn. Amahle was het meest ijdele en het opschepperigste beest dat er in Afrika bestond. Dit ondanks het feit dat hij best wel dik was, niet erg knap en ook niet heel slim. En hoewel zijn huis eigenlijk maar één groot gat was, was de gedachte dat hij een thuis had dat groter was dan dat van ieder ander dier voor hem zeer aantrekkelijk. Hij was er wat trots op als alle andere dieren heel erg jaloers op hem zouden zijn. Dus maakte het huis groter door het binnenin op te ruimen en door de ingang veel breder te maken. Hij vond dat hij nu het mooiste huis in heel Afrika had. En om hiermee te pronken,  stond hij vaak met zijn snuit opgeheven naar de lucht bij de ingang van zijn nieuwe woning.

Al snel liep Zebra langs. Amahle rende naar buiten, tilde zijn hoofd op en wees opzichtig met zijn neus de lucht in, dit alles zonder Zebra te groeten. Zebra zag meteen dat Amahle een huis had gemaakt dat niet erg veilig was. En hij zei “Amahle, je moet maar voorzichtig zijn met dat huis van je, iedereen kan gemakkelijk naar binnen lopen!“ Amahle antwoordde dat Zebra zich met zijn eigen zaken moest bemoeien en dat hij gewoon jaloers was op het prachtige nieuwe thuis. Zebra was niet het soort dier dat boos werd door dit soort woorden en het gedrag van de dwaze Amahle. Hij schudde gewoon met zijn hoofd en liep  door. Toen kwam Giraffe, een van de meest beleefde en hoffelijkste dieren op het Afrikaanse continent voorbij lopen. Hij zei: “Mijn lieve vriend, wat een groot en mooi huis heb je! “Amahle was erg blij om dit te horen. Doordat hij echter zeer ijdel was en hoogdravende ideeën had,  besloot hij dat Giraffe zijn vriend niet kon zijn. Giraffe had immers zelfs geen eigen huis! Dus zei hij ook tegen Giraffe ‘Jij lange nek antilope, bemoei je met je eigen zaken. Ik wens geen tijd aan je te verspillen!’ Giraffe liep weg, nogal gekwetst door wat Amahle had gezegd. En Amahle bevestigde nogmaals aan zichzelf zijn gevoel: “Hah, niemand heeft zo’n mooi thuis als ik!”

Amahle ging vervolgens naar binnen om zich te ontspannen in zijn grote nieuwe huis. Toen hoorde hij een geweldig luid gebrul. Hij raakte in paniek. De koning van de jungle was onderweg naar de rivier en passeerde zijn huis! Hij kroop ineen en omdat hij de ingang naar zijn huis zo groot had gemaakt, besefte hij dat het de leeuw geen enkele moeite zou kosten om bij Amahle binnen te lopen. ‘O nee’, dacht Amahle, en hij kreeg onmiddellijk spijt  dat hij niet naar het advies van zijn goede vrienden had geluisterd. “Ahhhh,” sprak Amahle in paniek, “de leeuw zal me zo direct opeten in mijn eigen zitkamer! Hoe kan ik dat voorkomen?”

Amahle viel vervolgens een oude truc in die hij had gehoord toen Jackhals aan het opscheppen was. Amahle deed daarom alsof hij het dak van zijn hol steunde met zijn sterke rug en met zijn slagtanden duwde hij de bovenkant nog wat verder omhoog. “Help!” riep hij tegen de leeuw: “Ik zal verpletterd worden! Het dak stort zo in, vlucht alsjeblieft, o machtige leeuw, voordat je samen met mij verpletterd wordt”. Nu is Leeuw geen dwaas. Hij herkende de oude truc van de Jackhals meteen en hij zou er echt niet nog een tweede keer intrappen! Hij brulde zo hevig dat Amahle trillend op zijn knieën viel. Amahle smeekte om genade. Gelukkig had Leeuw niet al te veel honger. Dus vergaf hij Amahle en bij het vertrek commandeerde hij Amahle: “Blijf op je knieën zitten, jij dwaas beest!” Leeuw lachte in zichzelf en schudde zijn manige hoofd terwijl hij wegliep: stel je toch voor, de niet zo snuggere Amahle probeert de truc van de Jackhals te kopiëren! Ha, ha.

Amahle nam het bevel van Leeuw ter harte. Dat is waarom, tot op de dag van vandaag, je wrattenzwijnen in een niet echt flatteuze houding op hun knieën zien eten. Ze steken hun bibs recht omhoog en woelen met hun snuit in het stof.

Een traditioneel Zulu verhaal, vrij vertaald uit Tales by Roohi. Zie ook https://www.facebook.com/TalesByRoohi

Acht fascinerende feiten over het wrattenzwijn

Wrattenzwijnen zijn wilde verwanten van het varken. En zoals de naam suggereert hebben  wrattenzwijnen vlekken op hun gezicht die lijken op wratten. Het zijn echter dikke huidachtige delen. De ‘wratten’ die dicht bij de ogen liggen zijn groter bij de mannetjes. Deze stootkussens zijn nodig ter bescherming van hun ogen tegen de slagtanden van andere mannetjes. Ze vechten namelijk met elkaar tijdens het paarseizoen

  1. Wrattenzwijnen zijn wilde verwanten van het varken. En zoals de naam suggereert hebben  wrattenzwijnen vlekken op hun gezicht die lijken op wratten. Het zijn echter dikke huidachtige delen. De ‘wratten’ die dicht bij de ogen liggen zijn groter bij de mannetjes. Deze stootkussens zijn nodig ter bescherming van hun ogen tegen de slagtanden van andere mannetjes. Ze vechten namelijk met elkaar tijdens het paarseizoen.
  2. Wrattenzwijnen hebben net als een olifant slagtanden op hun boven- en onderkaak. Ze gebruiken deze om te vechten en zich te verdedigen tegen roofdieren. Als de grond hard is, gebruiken ze hun snuit en slagtanden ook om de grond om te woelen.
  3. Ze gaan op hun polsen staan wanneer ze grazen. Eeltige kussentjes op de polsen van wrattenzwijnen helpen hen de geboden voorpoten te beschermen. Deze kussentjes worden al vrij vroeg bij de ontwikkeling van de foetus gevormd.
  4. Wrattenzwijnen zijn uiteraard geen kamelen. Toch hebben ze een opvallende overeenkomst: wrattenzwijnen zijn de enige varkens die maandenlang zonder water in hete gebieden kunnen overleven. Hun lichaam houdt binnenin vocht vast, vocht dat ook wordt gebruikt als koelmiddel.
  5. Net als het varken is aangetoond dat wrattenzwijnen over een opmerkelijke intelligentie beschikken. IQ-tests tonen aan dat de familie van het varken (dus ook zijn wilde soortgenoot) slimmer is dan de familie van de hond. In contrast hiermee: de naam Pumba, het wrattenzwijn in Disney’s The Lion King, is ontleend aan het Swahili-woord “pumbaa” wat ‘dwaas’ of ‘idioot’ betekent.
  6. Wrattenzwijnen maken gebruik van holen of tunnels gemaakt door andere dieren zoals aardvarkens (kale nachtelijke zoogdieren) of stekelvarkens. Soms delen ze het hol zelfs met een van deze nachtdieren. Zij zijn immers overdag actief en zo wordt maximaal gebruik gemaakt van het hol!.
  7. Wanneer wrattenzwijnen hun hol betreden, zal het grootste en oudste zwijn als laatste naar binnen gaan. Alle zwijnen gaan achterstevoren het hol in, zodat hun snuit de ingang van het hol blokkeert. Dit is niet alleen goed voor een snelle ontsnapping, maar ook om ervoor te zorgen dat de wapens (slagtanden) al in de starthouding staan als dat nodig is.
  8. Wrattenzwijnen kunnen een aardige leeftijd bereiken: er zijn gevallen bekend dat ze 17 jaar oud zijn geworden.

Deze diashow vereist JavaScript.

FEED-FORWARD