Een wijze oude uil zat op de tak van een boom en gaf advies aan alle dieren die om hem heen verzameld waren en raad wilden krijgen. Geen  vraag was te moeilijk voor hem om te beantwoorden. Want tja, zoals jullie weten, worden de uilen over het algemeen beschouwd als zeer wijze dieren.

Een forse Leeuw wilde de wijsheid van de uil op de proef stellen. Hij kwam naar voren en vroeg op luide toon: “ik ben de koning van de jungle. Waarom zou ik van jou advies nodig hebben?” De uil antwoordde: “Omdat, mijnheer de leeuw, het niet raadzaam is om het advies te vertrouwen van iemand die minder wijs is dan het dier dat het meeste wijsheid in zich draagt”. De leeuw was onder de indruk en zei: “je bent echt wijs uil!

In de menigte was ook een antilope met haar twee jonge kinderen.  Ze stapte naar voren en zei: “ik ben weduwe. Mijn zoon en dochter hebben geen vader meer en ik moet ze nu alleen opvoeden. Kunt u hen de juiste instructies geven om een goed leven te leiden?” Het werd erg stil in de menigte. Iedereen wilde het antwoord horen. De uil richtte zich tot de jonge dieren en glimlachte. “Je kunt een goed leven leiden als jullie drie simpele regels volgen.” Welke zijn dat dan, mijnheer de Wijze Uil? ”, vroeg het jonge vrouwtje.

“Regel nummer 1”, antwoordde de uil: “Bereid je vandaag voor op het leven van morgen.” Want betekent dat dan?” vroeg het jonge mannetje. De uil legde  het uit: “Dat betekent dat je alles moet leren wat je maar kunt leren op school, zodat je later in je leven succesvol kan zijn.” “Maar ik ga helemaal niet naar school”, mopperde de jonge mannetjes antilope. “In dat geval is het belangrijk om te leren dat ook wij vaak die dingen niet leuk vinden die voor ons het meest nuttig zijn”, zei de uil. De jonge bok knikte met zijn hoofd, alsof hij het begrepen had.

“Wat is de tweede regel?” vroeg de jonge vrouwtjesantilope. “Regel nummer 2 is dat je contact moet leggen met diegenen die het goede met de wereld voorhebben en dat je geen relaties moet aangaan met degenen die slecht zijn”, zei de uil. “En waarom moet ik die regel volgen?” vroeg de jonge mannetjesantilope. ”Omdat”, zei de uil, “de slechte dieren in narigheid terecht komen, en narigheid heeft als kenmerk dat het heel graag gezelschap wil hebben.”  De dieren in de menigte keken elkaar aan en knikten instemmend. Toen vroegen de beide jonge antilopen:

“En wat is de derde regel, Wijze Uil?” “Regel nummer 3 is dat je anderen meer helpt dan je wenst dat ze jou helpen. Als je zo in het leven staat, dan zijn de beloningen die je krijgt niet te tellen.” Al de dieren die aanwezig waren juichten om dit antwoord en riepen “Hoera!”. Ze hadden nog nooit zo’n simpele uitleg gekregen over de vraag hoe je een goed leven kunt leiden. Ook de weduwe was dolblij. Ze stapte op de uil af en zei “Dank u Wijze Uil, dat u mijn kinderen zo’n wijze raad heeft willen geven. Ze zullen deze regels nooit vergeten, juist omdat ze zo simpel zijn.” ‘Ja”, antwoorde de zeer wijze uil, “de regels om een goed leven te leiden zijn erg simpel om te onthouden, belangrijk is vooral dat men niet  vergeet om ze ook in praktijk te brengen.”

Jammer dat de dwazen vaak deze drie levensregels vergeten!

Fabel afkomstig uit de Internet story club of America, zie voor meer informatie:  http://internetstoryclub.org/index2.html

 

Acht fascinerende feiten over de uil

  1. Er zijn meer dan 150 soorten uilen in de wereld. Azië heeft de grootste soortenrijkdom.
  2. De ogen van een uil wijzen naar voren en kunnen niet bewegen. Daarom moeten ze hun hoofd draaien om iets te zien. Uilen zien heel goed op grote afstand, maar hun zicht is vaag voor alles wat dichtbij komt. Daarom hebben ze op hun bek en poten kleine haarachtige veertjes om hun voedsel te kunnen voelen.
  3. Een uil kan zijn hoofd bijna helemaal rond draaien, maar toch niet helemaal. Ze kunnen hun kop 135 graden in beide richtingen draaien, dus 270 graden in totaal. Uilen hebben 14 nekwervels (de mens heeft er maar 7), waardoor hun nek heel flexibel wordt. En verder hebben ze een bloedreservoir dat ervoor zorgt dat hun hersenen en ogen bloed krijgen, als de nekdraaiing de circulatie van het bloed naar de hersenen afsluit.
  4. De platte voorkant van het gezicht van een uil zorgt ervoor dat geluiden wel 10 keer worden versterkt, waardoor de uil echt heel goed kan horen.
  5. Uilen hebben speciale veren met randen van verschillende zachtheid die het geluid helpen dempen als ze vliegen. Hun vleugelwijdte en hun vederlichtheid maken hen tot bijna geluidloze vliegers, waardoor ze ook makkelijker hun prooi kunnen vangen.
  6. Uilen zijn vleeseters en ze eten knaagdieren, kleine en middelgrote zoogdieren, insecten, vis en andere vogels (inclusief kleinere uilen!). Nadat ze hun voedsel verorberd hebben, worden er harde uilenballen uitgebraakt. Deze bestaan uit botjes, vleugels, tanden en andere zaken die ze niet kunnen verteren.
  7. Vrouwtjesuilen zijn iets groter dan mannetjesuilen. Een verklaring kan zijn dat de vrouwtjes de eieren uitbroeden en meer bodymassa nodig hebben om zonder eten langere tijd te kunnen overleven. Een andere theorie is dat de mannetjes behendiger moeten zijn omdat zij toch de belangrijkste jagers zijn. En een leuke theorie (maar waarschijnlijk niet war) is dat de vrouwtjes vaak mannetjes aanvallen en wegjagen die ze niet geschikt achten om mee te paren. Doordat de mannetjes kleiner zijn, zijn ze meer wendbaar en hebben daardoor minder kans op verwondingen.
  8. Uilen hebben 4 tenen, drie ervan wijzen als ze vliegen naar voren en eentje naar achteren. Echter als ze een prooi vangen of op een tak zitten, dan kan de buitenste voorste teen naar achteren worden geplaatst (en hebben ze dus 2 tenen aan de voorkant en 2 aan de achterkant). . Dit geeft een beter houvast. Maar wat echt opvallend is, is dat ze hun tenen op slot kunnen zetten, zodat ze niet de hele tijd hun spieren hoeven aan te spannen.

Deze diashow vereist JavaScript.

FEED-FORWARD